ZAAK FRANK DE BOER : DE KWALITATIEVE ANALYSE ONDER DE LOEP
Rokus A. de Zeeuw
Afdeling Analytische Chemie en Toxicologie, Universitair Centrum voor Farmacie, 9713 AV Groningen 

Bij de dopinganalyse op nandrolon gebruik komen twee types analyse aan de orde: 
Kwalitatief: In de urine moet de aanwezigheid van de belangrijkste nandrolon metaboliet, 19-norandrosteron (19-NA, of korter NA), eenduidig worden aangetoond. Daarnaast wordt gekeken of in de urine ook de positionele isomeer 19-norethiocholanon (19-NE of NE) voorkomt. 
Kwantitatief: Indien a. positief uitvalt moet de NA concentratie in de urine groter zijn dan 2 ng/mL.

Een sporter is "positief" als zowel aan a. als aan b. wordt voldaan. In de zaak Frank de Boer, gecontroleerd na een UEFA Cup wedstrijd, werd zijn urine in eerste instantie positief bevonden op de punten a. en b. door het Dopinglaboratorium in Lissabon. De door de sporter aangevraagde contra-expertise (de z.g. B-analyse), werd daarop uitgevoerd in het dopinglaboratorium te Lausanne, in aanwezigheid van Dr. Jaap Wieling als expert voor de sporter. Ok het laboratorium in Lausanne beoordeelde de urine positief op de punten a. en b. Beide laboratoria hebben de IOC-erkenning en zijn tevens ISO/IEC 17025-gecertificeerd. 
Het analysepad ziet er als vogt uit: Na hydrolyse van de urine met glucuronidase en vloeistof-vloeistof extractie worden NA en NE gesilyleerd en vervolgens geanalyseerd met GC-MS voor de kwantitaieve analyse en met GC-MS/MS voor de kwalitatieve analyse. In de voordracht zal vooral worden ingegaan op de kwalitatieve analyse en de eisen die het IOC stelt m.b.t. eenduidig vaststellen van de aanwezigheid van NA. Dit ter beantwoording van de vraag: Was Frank de Boer positief of niet ?